‘Gebruik AI als oefenpartner en blijf zelf nadenken’
Toen ChatGPT en andere vormen van kunstmatige intelligentie hun intrede in het onderwijs deden, stond ook CSG Prins Maurits in Middelharnis ineens voor een nieuwe werkelijkheid. Leerlingen vonden razendsnel hun weg in de digitale mogelijkheden, terwijl docenten zich afvragen wat dit zou betekenen voor hun manier van lesgeven. Inmiddels is het gesprek over AI niet meer weg te denken van de school. “Natuurlijk kan AI je helpen”, zegt teamleider André Knulst, “maar je blijft zelf verantwoordelijk voor je eigen werk.”
Door Klazina de Bakker, Eilanden Nieuws
De kennismaking met AI kwam na de lancering van ChatGPT, eind 2022. Geschiedenisdocent Wouter van Maanen merkte het bij het vak CKV. “Leerlingen moesten verantwoorden wat ze aan het doen waren, en dan zag je bij het nakijken dat het letterlijk knippen en plakken was. Dan baal je wel even, want het doel van de opdracht verdwijnt dan volledig.”
Ook bij andere vakken doken de eerste AI-teksten op. “Maar ChatGPT is geen Google”, zegt aardrijkskundedocent Amy Grinwis. “Als je het eerste antwoord wat ChatGPT geeft gewoon overneemt, heb je er zelf niet over nagedacht.”
Docent bedrijfseconomie Albert Willemsen herkent dat beeld wel. “Leerlingen deelden wel heel veel”, zegt hij erbij. “Dan zeiden ze: ‘Kijk meneer, dit komt van ChatGPT’. In het begin waren de antwoorden nog eenvoudig, maar ze werden steeds beter, en moeilijker te herkennen.”
Het toenemende gebruik van AI vroeg om een reactie van de docenten. “Ik dacht eerst: ja dag, dit gaan we niet doen”, zegt Van Maanen. “Ik heb opdrachten meteen aangepast. In plaats van een geschreven onderbouwing moesten ze hun werk presenteren. Dat scheelde veel nakijkwerk, maar vooral: dan ben je echt bezig met wat je leert.”
Docenten werken met AI
Amy Grinwis had zelf al ervaring met kunstmatige intelligentie tijdens haar studie. “Ik zat op de hogeschool toen AI in het leven werd geroepen. Ik ben zelf afgestudeerd met behulp van ChatGPT. En hier op school ben ik er bijna elke dag mee bezig.”
Ook Van Maanen gebruikte AI bij zijn tweede graads geschiedenisopleiding. Ze herkennen allebei dat leerlingen nu op dezelfde manier met AI experimenteren.
Knulst weet nog goed dat hij in het begin twijfelde. “Ik had aanvankelijk het idee: hier heb ik eigenlijk helemaal geen zin in. Weer iets nieuws. Maar op een gegeven moment ga je het toch proberen en denk je: ik moet hier ook stappen in zetten.”
Onderzoek, scholing en beleid
Binnen de school werd al snel besloten het onderwerp breder aan te pakken. Er kwam een inventarisatie onder leerlingen en docenten. In oktober 2025 bezochten een aantal docenten een studiedag, waar leerlingen van vwo 5 vertelden hoe zij AI gebruikten. “Dat was ontzettend leerzaam”, zegt Knulst. “Je zag per vak grote verschillen, maar ook dat er sprake is van kritisch gebruik bij de leerlingen die daar aanwezig waren.”
Enkele weken geleden werd er een studiedag op school gehouden. “Toen hebben we Thijmen Sprakel uitgenodigd, één van de auteurs van ‘Chatten met Napoleon’, een boek over generatieve AI in het onderwijs”, vertelt Knulst. “Hij sprak over de mogelijkheden van AI, maar ook over het belang van kennis in een tijd waarin het soms lijkt alsof kennis er helemaal niet meer toe doet. Dat gaf veel stof tot nadenken.”
De school wil dat docenten zich goed voorbereiden op deze veranderingen. “We doen als school mee aan een leerwerktraject van de Theologische Universiteit Utrecht”, zegt Knulst. “Samen met andere christelijke scholen. We willen leerlingen niet alleen kennis laten opdoen, maar hen ook laten nadenken over wat het betekent om mens te zijn in een tijd van AI. Wat is het menselijke in dit alles en hoe kunnen we dat behouden en ook versterken? Daarnaast gaat een collega een scholingstraject rondom AI verzorgen.”
Om docenten meer houvast te geven, zijn op de Prins Maurits inmiddels ook eerste beleidsafspraken gemaakt. “We hebben nog geen uitgewerkt beleidsplan, maar wel een aantal uitgangspunten”, legt Knulst uit. “Daar hebben we een soort kapstok van gemaakt, die we gaandeweg verder invullen.”
Beleid maken blijft echter lastig. De ontwikkelingen gaan zo snel dat beleid eigenlijk op het moment van schrijven alweer verouderd is. “Wat maandag nog nieuw is, kan vrijdag alweer achterhaald zijn.”
Nieuwe vormen van lesgeven en toetsen
De komst van AI veranderde ook de manier van lesgeven. “Het basiswerk wordt nu door AI gedaan”, zegt Willemsen. “Daarom gaat het geëiste niveau bij ons omhoog en verwacht ik van leerlingen een verdere vertaalslag, verdieping en doorvragen. Je moet de stof nog steeds beheersen om de juiste vragen te kunnen stellen en verder te kunnen denken.”
Van Maanen merkt dat er een verschuiving gaande is. “Ik denk dat het product net zo belangrijk wordt als het proces”, zegt hij. “Niet alleen: wat heb je gemaakt, maar ook: hoe ben je daar gekomen? Dat vraagt veel meer reflectie van leerlingen.”
Grinwis geeft in haar lessen korte workshops over het doelgericht gebruik van ChatGPT. “Niet alleen voor vragen en antwoorden”, legt ze uit, “maar stel dat je iets niet begrijpt. Dan kun je Chat de opdracht geven: leg me dit hoofdstuk uit in de rol van mijn aardrijkskundedocent, dit is mijn niveau.”
Bij toetsen verandert er minder, denkt Knulst. “Een kennistoets over hoofdstuk twee uit het boek blijft gewoon een toets, zonder digitale middelen. Maar bij grotere opdrachten kijken we veel meer naar het leerproces, de toepassing en het gebruik van AI.”
Kritisch leren denken
Het goed leren stellen van vragen – de zogenaamde ‘prompts’ – is volgens de docenten één van de grootste uitdagingen. “Leerlingen geven minimale input en krijgen daardoor maximale output, wat het antwoord van AI zwak maakt”, zegt Van Maanen. “Hoe beter de vraag, hoe beter het antwoord. Dat moeten ze echt leren.”
Grinwis laat haar leerlingen oefenen met het formuleren van prompts. “Ik geef opdrachten waarin ze dezelfde vraag op verschillende manieren aan ChatGPT moeten stellen. Dan zien ze meteen wat het verschil is in de antwoorden die ze krijgen. Zo leren ze kritisch denken.”
Volgens Knulst is dat precies wat de school wil bereiken. “We willen niet dat leerlingen AI klakkeloos gebruiken, maar dat ze begrijpen wat ze doen. En dat ze leren vergelijken met andere bronnen. Google bestaat tenslotte ook nog steeds.”
Privacy en ethiek
Ook rond privacy en het gebruik van AI-tools zijn nog keuzes te maken, vertelt Knulst. De school schrijft leerlingen en docenten niet voor met welke AI‑toepassingen zij mogen werken. “We kijken wel steeds meer naar waar data wordt opgeslagen. Dat zal mede bepalen welke tools we als school straks aanbieden.”
Over privacygevoelige informatie zijn nog geen definitieve afspraken gemaakt. Wel geldt dat auteursrechtelijk beschermd werk niet mag worden geüpload en dat docenten geen leerlingnamen in AI-tools mogen gebruiken.
Volgens Knulst is dat niet alleen een AI-vraagstuk. “Het raakt ook aan hoe je in het algemeen omgaat met leerlingdata. Sinds de invoering van de AVG is dat natuurlijk al veel scherper geworden.”
Leerlingen en hun motivatie
Waarom gebruiken leerlingen AI eigenlijk? “Ik denk dat het in het begin vooral gemak is”, zegt Van Maanen. “Maar dat het nu ook met een stukje onzekerheid te maken heeft. Dat je op het punt komt: ik kan het niet meer zonder.”
Grinwis probeert die afhankelijkheid te doorbreken. “Ik help ze om AI te gebruiken als oefenpartner. Zo leren ze nog steeds zelf nadenken.”
Samen leren als docenten
Binnen het docententeam verschillen de ervaringen met AI sterk. “De verschillen tussen collega’s zijn groot”, zegt Knulst. “Sommigen werken er al veel mee, anderen nog helemaal niet.”
Volgens Willemsen is afstemming belangrijk. “De vraag is hoe dat beleid een goed antwoord kan zijn op wat collega’s in de klas tegenkomen.” Daarom delen docenten hun ervaringen binnen hun teams en vakgroepen, op zoek naar een gezamenlijke aanpak.
Blik op de toekomst
Hoewel niemand precies weet hoe de toekomst eruitziet, is één ding duidelijk: AI blijft. “Over vijf jaar is het vast weer totaal anders”, zegt Grinwis. Ze lacht. “Twee jaar geleden had ik nooit gedacht dat ik nu les zou geven in het schrijven van prompts.”
Knulst hoopt dat leerlingen straks bewust en kritisch met AI omgaan. “Dat ze het gebruiken als hulpmiddel, maar hun eigen waarde blijven zien. Dat ze begrijpen dat menselijk denken onmisbaar blijft.”
Van Maanen heeft tot slot een goed advies: “Gebruik AI als hulpmiddel, niet als eindstation. Blijf zelf nadenken. Dat is wat we onze leerlingen willen meegeven.”
Wat is een prompt?
Een prompt is de opdracht die je aan een AI geeft. Het is de tekst die je intypt (of inspreekt) om een programma zoals ChatGPT te laten reageren. Je kunt een prompt zien als een startschot: hoe duidelijker jij uitlegt wat je nodig hebt, hoe beter de kans dat de uitkomst bruikbaar is.
Een prompt kan heel kort zijn, bijvoorbeeld: “Vat dit nieuwsbericht samen.” Maar je kunt ook extra informatie toevoegen, zoals: voor wie het bedoeld is, welke toon je wilt, hoeveel woorden het moet zijn en welke feiten er zeker in moeten. Dan wordt de AI minder snel vaag of algemeen.
Kort gezegd: een goede prompt is concreet. Help de AI door vier dingen mee te geven: doel (wat wil je bereiken), context (waar gaat het over, voor wie is het), vorm (lengte, stijl, taalniveau) en voorwaarden (wat mag wel of niet, welke bronnen of gegevens moeten er worden gebruikt). Je kunt ook vragen om eerst door te vragen als iets ontbreekt, of om het antwoord in stappen te geven.
Belangrijk om te weten: een prompt is geen toverspreuk. De AI “begrijpt” niet zoals een mens, maar voorspelt welk antwoord waarschijnlijk past bij jouw vraag. Daardoor kan een AI soms fouten maken of dingen invullen. Controleer daarom altijd namen, cijfers en bronnen, zeker als je het wilt publiceren.
Serie AI uitgelegd
In deze serie laten we zien hoe AI (artificial intelligence of kunstmatige intelligentie) in de praktijk wordt gebruikt, van werkvloer tot woonkamer. Welke toepassingen komen mensen tegen, wat levert het op aan gemak en tijdwinst, en waar zitten de vragen of risico’s?
AI (artificial intelligence), ook wel kunstmatige intelligentie, is een verzamelnaam voor slimme computerprogramma’s die taken kunnen doen waar je normaal je hoofd bij nodig hebt. Denk aan teksten samenvatten, vertalen, plannen maken of een foto herkennen.
Het systeem leert van heel veel voorbeelden, herkent patronen en voorspelt razendsnel een logisch vervolg. Het denkt niet als een mens, maar de antwoorden kunnen wel menselijk klinken.
Je ziet AI vaker dan je denkt: in navigatie, streamingdiensten, chatbots en zelfs bij “mogelijk spam” op je telefoon. Handig, maar niet feilloos: AI kan fouten maken of dingen verzinnen. Check belangrijke informatie daarom altijd zelf en deel liever geen persoonlijke gegevens.
De tekst in dit kader is gemaakt met behulp van ChatGPT (dus: AI, uitgelegd door AI).
Volgende bericht